Om transparantie, voorspelbaarheid en rechtszekerheid te creëren voor de burger ontwikkelde de directie Vrije Tijd drie retributieverordeningen voor de prestaties, producten en diensten aangeboden door de vrijetijdsdiensten van de Stad:
In deze verordeningen worden:
Om transparantie, voorspelbaarheid en rechtszekerheid te creëren ontwikkelde de directie Vrije Tijd drie retributieverordeningen voor de prestaties, producten en diensten aangeboden door de vrijetijdsdiensten van de Stad.
Bij deze wordt de retributieverordening voor de prestaties verricht door de dienst Cultuur ter goedkeuring voorgelegd.
In deze verordening worden:
De voorgestelde retributieverordening vervangt alle eerdere, ermee strijdige bepalingen en treedt in werking op 1 januari 2026.
Krachtens artikel 41, tweede lid, 14° van het Decreet Lokaal Bestuur kan de gemeenteraad de inningswijze en de vaststelling van het tarief delegeren aan het college van burgemeester en schepenen.
De activiteiten die worden georganiseerd door de dienst Cultuur vereisen een snelle en flexibele werking. Losse verkoopartikelen, UiTPAS-omruilvoordelen of gadgets, éénmalige activiteiten, lessenreeksen en uitstappen verschillen van jaar tot jaar waardoor het bij die zaken niet mogelijk is om te werken met vaste tarieven die al lang op voorhand vastliggen.
Ook de samenstelling van de Toneelkledijbank is onderhevig aan wijzigingen. Het is belangrijk dat, wanneer er nieuw materiaal in wordt opgenomen, er meteen kan worden vastgelegd of het daarbij gaat om waardevol materiaal dan wel basismateriaal.
De voorgestelde retributieverordening voorziet in artikel 5 dan ook in een delegatie aan het college van burgemeester en schepenen.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017 betreffende de exclusieve bevoegdheid van de Gemeenteraad voor het vaststellen van de machtiging tot het heffen van retributies en de voorwaarden ervan, inclusief de verminderingen en vrijstellingen.
Het departement Financiën verleende op 5 november 2025 advies.
De directie Juridische en Bestuurszaken verleende op 24 november 2025 advies.
Keurt de Retributieverordening voor de prestaties verricht door de dienst Cultuur goed voor de periode van 01 januari 2026 tot en met 31 december 2031.
Deze verordening vervangt alle eerdere, ermee strijdige bepalingen.
Delegeert de bevoegdheid aan het College van Burgemeester en Schepenen om volgende zaken vast te leggen: